Przewalski ponyDe Przewalski pony is het enige ras (van de drie basisrassen) dat de oorspronkelijk vorm heeft behouden. Hij wordt ook wel het Aziatische of het Mongoolse Wilde Paard genoemd. Het paard werd ontdekt (door de Russchise wetenschapper kolonel Przewalski) in het Tachin-Schara-Nuru-gebergte in de Gobiwoestijn. Deze pony is de directe voorvader van de Mongoolse, Chinese en Tibetaanse pony's. De pony werd door de Mongoolse herders Taki genoemd.

Geschiktheid

Volledig in het wild bestaande Przewalski pony's zijn er niet meer. Er worden wel nog exemplaren, die in de dierentuin geboren zijn, terug gezet in het wild. Ze komen vooral voor in dierenparken en kleine reservaten. Ze zijn erg mensenschuw.

Uiterlijk

Deze krachtige pony heeft een groot dik hoofd met een recht of convex profiel. Hij heeft ook grote tanden. Verder heeft dit ras ook nog een dikke hals, rechte schouders, brede borst en een nauwelijks gepronoceerde schoft. Zijn sterke rug vertoont gelijkenis met die van de ezel. De achterhand is amper ontwikkeld. Hij heeft grote harde hoeven en sterke, verfijnde botten. Zijn opstaande manen en staart zijn grof en bescheiden. Ze hebben geen maantop. Ze hebben een vaalgele kleur, een aalstreep en vaak van donkere zebrastrepen voorziene benen.

Kenmerken

Mensenschuw en soms ook agressief . Zoals alle wilde paarden hebben ze weinig voedsel nodig om te overleven.

Stokmaat

Van 1,22 m. tot 1,42 m.

Bron: Watson M., Lyon R., Montgomery S. (1999). Horse (The Complete Guide). London: Team Media Limited.